Recensie

Oude en nieuwe herinneringen van Frits Marnix Woudstra

Door Jan Dietvorst, geplaatst op 21 januari 2018


Op de flaptekst van Melancholicaman schreef Frits Marnix Woudstra een herinnering aan zijn vriend Roland Sips (1954 -2012). Sips maakte de zeefdruk van het oog dat op de omslag van Woudstra’s bij Babel & Voss uitgegeven boek staat. De achterkant van het omslag is meestal de plaats waar de ronkende (zelf)felicitaties staan, maar Woudstra gaat direct naar datgene dat hem verwart maar tegelijk vervult, namelijk de herinnering aan een dierbare.

Melancholie is een geestesziekte die niet levensbedreigend is. Woudstra schrijft vaak over het weer, zomers en zonlicht komen veelvuldig in zijn herinneringen aan verblijf in de bergen en de terugkeer naar zijn Twentse geboortegrond voor. Hij is ‘melancholicaman’, hij schrijft over vroeger, dat wil zeggen over een toestand waarin het bestaan weliswaar in wording maar niettemin compleet was. Roland Sips en zijn vader Egon Woudstra leefden nog.

‘Ik weet het nu zeker, Lucas pakte die vroege ochtend waarop het miezerde de trein van 8 uur 39.’ De schrijver staat met zijn vrouw ergens langs een spoorlijn en kijkt op zijn horloge als de intercity voorbij komt. Ze zijn op de plek waar hun zoon een einde aan zijn leven maakte. Lucas verschijnt vaak in dromen voor zijn geestesoog, op klaarlichte dag voelt hij zijn aanwezigheid. Na zo’n ontmoeting in een Twents bos schrijft hij: ‘ Misschien dat er over honderd jaar wel zo’n bordje van Natuurmonumenten bij dat bankje staat: Hier verscheen Lucas Woudstra aan zijn liefhebbende moeder en vader, op een warme herfstdag in oktober in 2014 na Christus.’

Het is poëzie. De doden roepen het beste in de schrijver wakker. Frits Woudstra schrijft boeken over verlies, maar niet persé over verdriet. Zijn herinneringen gaan evenzeer over de gehechtheid aan dagelijkse dingen, aan gedragen kleding, houtvuur en huisdieren, aan liedjes op de radio, aan spinnenwebben in de herfst, aan het geluid van een tractor op een akker in de mist.

Nieuwe uitgave

Fotocollages Jos Houweling

Redactie, geplaatst op 19 januari 2018


Kunstenaar Jos Houweling (74) maakt boeken met fotocollages. Het Centre Pompidou kocht zijn werk uit de jaren zeventig aan en bereidt een tentoonstelling voor. Dit voorjaar publiceert Houweling bij uitgeverij Voetnoot drie nieuwe fotoboeken; eentje over voetbal, een ‘portretcatalogus’ en een boek met ‘afvalstillevens’.

Jos Houweling (Amsterdam 1943) is een Nederlandse beeldend kunstenaar, curator, docent Gerrit Rietveld Academie (1976-1998), directeur Sandberg Instituut Amsterdam (1998-2010), onderwijsvernieuwer en bestuurder. Bekendheid verwierf hij met een aantal fotoboeken zoals het 700 Centenboek (1975), dat verscheen ter gelegenheid van het 700-jarig bestaan van Amsterdam. Dit boek bevat ca. 200 collages van alledaagse voorwerpen zoals putdeksels, deurbellen, driewielers, handkarren en auto’s in pyjama. Het Centre Pompidou in Parijs heeft deze collages in 2017 aangekocht en organiseert in 2018/2019 een tentoonstelling.

Afgelopen 10 januari verscheen een interview met Jos Houweling in de NRC.

Bal en voet
Jos Houweling kijkt naar voetbal op de televisie en als hij niet kijkt maakt hij collages over voetbal. Voetbal gaat over winnen en het is amusement. Bal & voet is eveneens amusement en gaat de harten van voetballiefhebbers en voetbalhaters winnen. Het zijn surrealistische scenes it het toneelstuk Ons Voetbal. De collages zijn gemaakt in de jaren zeventig en in de periode 2015-2017.

Portretcatalogus
Portretten en smakelijke details. Kijken naar mensen kun je zien als een levensbehoefte. Zonder mensen om naar te kijken ga je dood. Vandaar dat Jos Houweling niet krenterig is geweest. Een eigentijdse overdaad aan ogen, neuzen en vleeskleuren. Een variant in de lange traditie van de portretkunst. Duizenden ogen kijken je aan en willen nieuwe vrienden worden. Gezichten van gewone en buitengewone mensen, plus gezichten van reclamefiguren. Een muur van gezichten en tegelijk een catalogus. Je kunt een nieuwe neus uitkiezen. Mocht een paar ogen je tegenstaan, scheur de bladzijde uit het boek! Een verrassend boek waarin het surrealisme de dienst uitmaakt! De collages zijn gemaakt in de jaren zeventig en in de periode 2015-2017.

Afvalstillevens
Afval is wat overblijft. Lege dozen, plasticsoep, fijnstof en wansmaak. Soms lijkt het of we binnen in een grote afvalcontainer leven. Je kan ook anders naar afval kijken: oud papier wordt nieuw papier, slachtafval wordt worst, mobieltjes worden gouden medailles, tuinafval wordt biogas en in Afvalstillevens wordt afval gerangschikt tot een visueel genoegen. In tegenstelling tot de meeste Nederlandse beeldend kunstenaars, is het surrealisme niet voorbijgegaan aan Jos Houweling. Schoonheid voor het oog. Verhalend en abstract. Proef ervan, kijk er naar, alsof je naar zachte muziek luistert. Tweehonderd collages uit de jaren zeventig en uit 2015-2018. Opgedragen aan alle vuilnismannen met pijn in hun rug.

Nieuwe uitgave

Het nieuwe moeten

Redactie, geplaatst op 17 januari 2018


Het nieuwe moeten
 van Els Kuypers is een pleidooi voor een bewuste en kritische levenshouding. Een aansporing om – individueel én collectief – een vinger aan de pols te houden bij alles wat ons als vanzelfsprekend wordt voorgeschoteld.  In laatste instantie een zoektocht naar ruimte. Nieuwe ruimte om samen te leven. Maar ook ruimte ten opzichte van de technologie. Zonder vrije geest, ons kostbaarste zoekinstrument, zal het niet gaan.

Sinds heugenis worden westerse cultuur en vrijheid in één adem genoemd. Ook in onze tijd is dat het geval. Toch is er de laatste decennia iets veranderd. Naast de enorme toename aan keuzemogelijkheden is een druk ontstaan. Een dwingend moeten.

Moeten meedoen, moeten kopen en leven zoals iedereen. Moeten voldoen aan specifieke, hoge eisen die door de technologische ontwikkelingen aan ieder individu worden gesteld. Een moeten dat langzaam maar zeker het levensgevoel is gaan kleuren. Wie afwijkt of niet voldoet aan de norm van perfect functionerende en financieel draagkrachtige mens valt uit de boot.

Hoe bedreigend is dit nieuwe moeten voor de vrije geest en voor de toekomst van de westerse samenleving? Anders gezegd: is de cultuur zoals wij die graag zien en die wij wellicht in haar kern zouden willen behouden nog wel wat wij denken dat zij is?In een zestal essays onderzoekt de auteur haar waarnemingen van deze tijd en nodigt de lezer uit om mee te denken over herkenbare zaken die in nieuwe kaders worden geplaatst. Meningencultuur, marktdenken, media en rationaliteit passeren de revue. Maar ook de politiek wordt aangesproken.

 

Het nieuwe moeten is een uitgave van Uitgeverij IJzer.

Nieuwe uitgave

Louis Ferron – De Haarlemse Onderwereld

Redactie, geplaatst op 15 januari 2018


Het is algemeen bekend dat AKO Literatuur en Constantijn Huygensprijswinnaar Louis Ferron een haat-liefde-verhouding had met de plaats van zijn inwoning. Die blijkt ook in deze beschouwing over de Haarlemse onderwereld. Ferron sprak de tekst in 2002 uit bij de viering van de zestigste verjaardag van de criticus en Haarlemoloog Wim Vogel. Wist u bijvoorbeeld dat de Haarlemse onderwereld de bakermat was van het surrealisme? Aan de tekst van de lezing is een fraaie tekening van Paul van der Steen toegevoegd. waarop diverse coryfeeën uit de Spaarnestad te herkennen zijn, van Bilderdijk en Bomans tot Van Deyssel en, natuurlijk, Ferron.

Louis Ferron (1942-2005) was prozaïst, toneelschrijver en dichter. Nadat zijn Duitse vader kort voor het einde van de Tweede Wereldoorlog voor dienstplicht was opgeroepen en sneuvelde, verhuisde hij als pleegkind van zijn vaders wettige echtgenote naar Bremen. Na de bevrijding kwam hij terug naar Nederland, waar hij door zijn grootouders van moeders kant werd opgevangen. Hij huwde hij met een dochter van de schrijfster Lizzy Sara May die hem stimuleerde om voor het schrijven te kiezen. In 1967 verscheen zijn eerste gedichtenbundel, Zeg nu zelf, is dit ontroerend? en in 1974 debuteerde hij als romancier met Gekkenschemer. In de jaren die daarop volgenden groeide zijn oeuvre gestaag: romans, verhalen, essays, vertalingen en toneel. In 1990 kreeg hij de AKO Literatuur Prijs voor zijn roman Karelische nachten, in 2001 werd hem voor zijn gehele oeuvre de Constantijn Huygensprijs toegekend.

De publicatie De Haarlemse Onderwereld werd in 120 exemplaren gedrukt onder de Korenmaat. Meer informatie: Hof van Jan.